Een afsluiting plaatsen op een helling: trapsgewijs of mee met het terrein?

Kastanjeomheining geplaatst door Lamon Hekwerk

Een afsluiting op een helling plaatst u op twee manieren: trapsgewijs, met elk paneel waterpas en een sprong bij elke paal, of meelopend, met een bovenlijn die schuin het terrein volgt. Welke van de twee het wordt, hangt vooral af van het materiaal. Stijve panelen gaan altijd in trappen, draad en kastanje lopen mee.

In Haspengouw en het Hageland is een vlak perceel eerder uitzondering dan regel. De tuin loopt af naar de straat, of er zit een flauwe helling in de lengte. Bij de opmeting komt daarom bijna altijd dezelfde vraag: trapsgewijs of mee met het terrein?

Wat is het verschil tussen trapsgewijs en meelopend?

Bij een trapsgewijze plaatsing blijft elk paneel waterpas. De panelen staan naast elkaar als treden van een trap, en bij elke paal zakt de lijn een stukje. De bovenrand bestaat uit horizontale stukken met telkens een sprong ertussen.

Bij een meelopende plaatsing volgt de afsluiting de grond. De bovenlijn loopt zonder sprongen schuin mee met de helling, en onderaan blijft de afstand tot de grond overal ongeveer gelijk.

Trapsgewijs oogt strak en past bij een moderne woning met rechte lijnen. Meelopend oogt rustiger en ligt voor de hand in een landelijke tuin of rond een weide.

Welk materiaal kan mee met de helling?

Een staalmattenpaneel is een stijf rechthoekig kader dat niet scheef kan. Hetzelfde geldt voor tand- en groefpanelen en voor composiet. Kiest u voor panelen, dan wordt het trapsgewijs. U beslist dan alleen nog hoe groot de treden worden.

Een draadomheining wordt tussen de palen gespannen en kan de helling gewoon volgen. Een kastanjeomheining ook: de gespleten palen zijn met gedraaid draad verbonden in plaats van vastgeschroefd op een star kader, waardoor het geheel meeplooit met elke oneffenheid. Op een golvend terrein of een weiland loopt ze door zonder trapjes en zonder openingen onderaan.

Bij houten schermen hangt het af van de opbouw. Kant-en-klare panelen gedragen zich als panelen. Planken die één voor één op liggers geschroefd worden, kunnen wel mee met de helling, omdat de onderkant van elke plank op maat gezaagd wordt.

Zet u draad op een betonnen onderplaat, dan gaan die platen wel in trappen. In Heusden-Zolder plaatsten we zo een zwarte draadafsluiting langs een hellend, bebost perceel, met de onderplaten trapsgewijs naar beneden zodat er onderaan geen gaten bleven waar dieren onderdoor kruipen. In Averbode, bij een project in de regio Diest, liep het terrein schuin af naar de perceelgrens en gingen de betonplaten op dezelfde manier in trappen mee.

Hoe vermijdt u gaten onder een trapsgewijze afsluiting?

Aan de lage kant van elk paneel ontstaat een driehoekige opening tussen de grond en het paneel. Op een flauwe helling gaat het om enkele centimeters, op een stevige helling kan het aan het laagste punt van een paneel oplopen tot tien of vijftien centimeter.

Mooi is dat niet, maar het grotere probleem merken de meeste mensen pas als de afsluiting er staat: een hond glipt eronder, kippen lopen eruit, en een konijn heeft aan nog minder genoeg.

Er zijn drie oplossingen:

  • Een betonplaat onder elk paneel. Die vangt het hoogteverschil op en houdt meteen de onderkant van het hout of het staal uit de natte grond.
  • Het paneel op maat zagen, zodat de onderrand de helling volgt. Bij hout kan dat, bij een staalmat niet.
  • De grond aanpassen, met een smalle vlakke strook onder de afsluiting.

Welke het wordt, beslissen we ter plaatse. Dat hangt af van hoe steil het terrein is en van wat er achter de afsluiting moet blijven.

Wat verandert een helling aan de palen en het water?

De palen moeten dieper. Aan de lage kant van een helling heeft de grond rond een paal minder tegendruk, en bij een gesloten scherm dat veel wind vangt weegt dat zwaarder door.

Water zoekt de laagste weg. Een dicht scherm dwars op een helling werkt als een dam: aan de hoge kant verzamelen zich regenwater, aarde en bladeren. In de leemgrond van Haspengouw gaat dat sneller dan op zandgrond, omdat leem water traag doorlaat en zelf mee afspoelt. Bij een gesloten scherm op een helling laten we daarom bewust wat ruimte onderaan, of voorzien we openingen waar het water door kan. Een afsluiting die water tegenhoudt, staat binnen een paar winters scheef.

Kost een afsluiting op een helling meer?

Iets, maar minder dan veel mensen denken, en zelden door de lopende meters. De schuine lijn is wel langer dan de afstand op het plan, maar het verschil is klein: over dertig meter met drie meter hoogteverschil is de schuine lengte ongeveer vijftien centimeter langer. Daar komt geen paneel bij.

Wat wel oploopt bij een trapsgewijze plaatsing, is de paallengte, want aan de lage kant van elke trede steekt de paal hoger boven de grond uit. Soms komt er ook een paal bij, omdat de treden alleen netjes uitkomen als de paneelbreedte aangepast wordt. Daarnaast vraagt een hellend terrein meer werkuren.

Voor een eerste orde van grootte kunt u een prijsindicatie uitrekenen op de gewone lengte van uw perceel. Die indicatie gaat uit van vlakke grond, dus de extra uren en palen voor een helling zitten er nog niet in.

Twijfelt u of uw terrein trapsgewijs of meelopend afgewerkt moet worden? Bij de gratis opmeting zetten we de lijn uit, kijken we waar het water naartoe loopt en bespreken we welk type afsluiting bij uw helling past. Vraag vrijblijvend een offerte aan en we komen langs.

Vragen over uw eigen situatie? Bel 0493 69 41 72 of vraag een offerte aan. Wij komen gratis ter plaatse opmeten.

Gratis opmeting aanvragen

Laat weten welk type afsluiting en ongeveer hoeveel meter u in gedachten hebt. We plannen een opmeting en sturen u een offerte op maat.